zaterdag 6 juni 2020

Lang leve de zondvloed en eindelijk zijn we klaar!

De prairie.

Het zou niet zo erg regenen donderdag, volgens de weerapp van buurvrouw, maar dat deed het toch. Wat hebben we nu al fijne vaste en nieuwe klanten: om vier uur waren we uitverkocht en de twee reserveringen die nog klaarstonden kwamen hem door de stromende regen alsnog afhalen (Oh, stom, sorry, ik ben wat later)

Regen, wat zijn we er blij mee. De spinaziebedden waren leeg en moetsen klaar gemaakt voor de prei en terwijl de klanten in hun regenjassen aan kwamen lopen waren ze binnen de kortste keren prachtig leeg en aangeharkt dankzij onze helpende handen. Nieuwe mest en compost erop: klaar. De bovenste laag werd in de loop van de dag alweer mooi zwart en vochtig door de regen, maar daaronder was het nog grijs en droog. Er mag nog wel wat méér vallen.
Een bevriende tuinder uit Oosterbeek - ook zandgrond- raadde ons aan de bovenlaag overal goed te schoffelen, dat schijnt de capilaire werking van het zand te bevorderenen zo het vocht in de grond naar boven te zuigen. Onze voormailge mentor en groenen geweten Bart Willems bevestigde dit: een los gewerkte bovenlaag trekt water omhoog. En dan heb je niet dat gedoe met slakken en muizen dat je met mulchen kan krijgen.
Toen werden we licht overmoedig. Hop! De grelinette erin. De laatste tien bedjes in de verste uithoek van de tuin lagen al een tijd te wachten. We hadden het al wel gefreesd, flink gewied, maar nu lag het alweer een maand braak en een veelvoud aan wilde planten had zich van het stuk meester gemaakt. Wortelonkruid dat toch was blijven zitten en ook allerlei zaad dat nu pas was ontkiemd. Melde, klaprozen, één of andere mosterdsoort, heermoes, kamille,  best een verantwoorde wildebloemenwei. We noemden het liefkozend 'de prairie'. Maar nu moeten er pompoenen in. "Dat doen we vrijdag even," zei buurman. We hadden nog een kar bovenste beste koeienmest uit Zunderdorp tegoed, en na elven zou het veel droger worden. Een oproep in ons helpende handen team leverde drie mensen op, die allemaal wel even wilden helpen, de laatste om drie uur. "Dan zijn we allang klaar," zei buurman weer. Buurvrouw wist het zonet nog niet, ze had wel eens een hele ochtend gedaan over het onkruidvrij maken van één zo'n bedje.
Maar goed, in de stromende regen en bijpassende regenkleding stonden buurman en buurvrouw mest te scheppen in Zunderdorp en om elf uur verscheen helpende hand Emma. Buurman was al bezig de grond los te maken met de grelinette (of woelvork). Het klaarde even op. "Vanaf nu wordt het droger, om drie uur komt er weer een bui." Dat riepen de buren van Noach waarschijnlijk ook tijdens de eerste buien van de zondvloed, maar het was wel de ideale aansporing om flink aan de slag te gaan. Korte pauzes, de grelinette erin, trekken, trekken, trekken \ en maar hopen op de capilaire werking die dat allemaal in de toekomst zou gaan opleveren.
Van alle wilde bloemen die we eruit trokken en schoffelden wilden we ineens weten of het eetbaar was, want de volgende soep op de planning is een onkruidsoep. Met geteelde wilde planten, om het oogsten makkelijker te maken, maar ter plekke werd besloten dat de melde, die overal op de tuin aanwezig is, ook lekker smaakt en mee mag doen. Om drie uur waren de bedden leeg en wij steeds natter. De rits van de regenjas van buurvrouw ging niet meer dicht door de modder, dus bij elke bui keerde ze haar rug dan maar richting wind. Dat gaat ook, met je tong kan je dan het water dat uit je haar druppelt oplikken. Heerlijk, regen!
De pompoenen stonden al klaar, maar nu moest er nog: mest uitgereden, compost uitgereden, mulchpapier eroverheen en aan de zijkanten ingegraven, houtsnippers eroverheen om het papier ook in het midden vast te houden. Pas daarna mochten de planten erin. Emma moest alweer weg voordat er één plant geplant was, maar Anouk kwam fris en fruitig (en nat) aflossen.
Dat planten is totaal geen werk, één plant per m2. Wat een voldoening. Wat een voldoening ook dat de prairie nu een pompoenenveld is. Misschien toch wat mulch? Voor een pompoenkoets heb je tenslotte ook muizen nodig. We zijn klaar, alle bedden zijn nu groentebedden en de watervaten hoeven niet gevuld deze week. Heerlijk

Nou ja, klaar...
Nu nog wieden bij de wortelen, bijzaaien, prei planten, erwten opbinden, bonen planten, oogsten, een betere tent maken, wieden bij de bonen, wieden, meer sla planten als nateelt want dat vinden mensen fijn, nog wat wieden, geoogste bedden leeg halen, beregenen na de regen, netten spannen tegen vogels, sloten op het hek tegen rovers, soepfimpjes maken, soeprecepten testen en last but not least: een nieuwe tuin vinden, want hier moeten we 31 december weer weg.

Tjongejonge, zegt buurman dan. Maar nu eerst een welverdiend weekend rust.

maandag 1 juni 2020

Erwtjes en het kruidenhoekje van buurman

De erwtjes zijn op de vierde verdieping van hun erwtentipi aangekomen. Echt een lentegroente, maar gek genoeg kennen Hollanders erwtensoep vooral in de dikke variant die ze in de winter eten. Dat het ook anders kan, leren wij van de 'Nieuwe Nederlanders', die een eigen en andere eetcultuur meebrengen: lente-erwtjes met verse tuinkruiden. Vooral munt moet erdoor. Onze erwtensoep is naar een recept van Vellah Bogle, wiens moeder het recept van vorige week leverde.
Hoe goed de erwtjes ook hun best doen, klaar om te oogsten zijn ze niet.  Dat is balen, want verse erwtjes in de soep, dat leek ons nou het summum. Gekke groente, die eerst heel lang niets doet, dan bij de eerste verdieping verschijnt ook de eerste bloem en vervolgens: Beng! Binnen een week drie verdiepingen erbij. Snel oogsten zodra ze klaar zijn, anders worden ze melig. En na een paar weken kan je ze op de composthoop gooien.
Eerder had ik al eens een heel gesprek gehad met iemand die ooit bij Hak had gewerkt over onze passie voor vers. Hij vond het voedselverspilling in de hand werken. Supermarkten sturen erop, vers, maakt niet uit waarvandaan. Terwijl conserven voor héél veel dingen zo gek nog niet zijn. Tomaten eet ik vaak uit blik of glazen fles. Blijft inderdaad heel lang lekker. En erwtjes, lente erwtjes voor door de groene lentesoep. 'Gaat juist prima met erwtjes achter glas. Als die erwtjes tegelijk kan geen mens aan, zo eet je ze een jaar lang.' Voor diepvries haalt hij zijn neus op. "Geen voedselverspilling, maar wel energieverspilling. Oi, nooit bij stilgestaan.
Gedwongen door de traagheid van de erwtjes zelf gaan we het experiment aan. Erwtjes van achter glas. Van een prachtige lokale boer uit Almere, volledig biologisch. Met munt. De dille doet het ook geweldig, de oregano moet nodig gesnoeid. Van de munt is al behoorlijk geoogst, maar groeit alweer. Thijm, snijsellerie...
Kruiden zijn de passie van buurman. Hij kan het dan ook niet uitstaan dat de kervel zo klein is gebleven en nou al bloeit. Toch gaat die kleine kervel erin, en om het af te maken een roos uit de tuin van buurvrouw, een bloemetje op de soep.
Buurvrouw maakt de soep altijd eerst zelf. Deze is zalig.
En natuurlijk bossen bosui. Die doen het gewoon volgens teeltplan. Dat is ook wel weer eens fijn.

maandag 25 mei 2020

Verdwenen worteltjes en kool met gaten

Op Hemelvaartsdag was onze eerste testdag. Hoeveel moeten we oogsten voor een zak, hoe lang duurt het inpakken, hoeveel mensen komen er en hoe houden we ze op 1,5 meter afstand. Veel van onze 'Helpende Handen' vonden het leuk om juist op die eerste dag te helpen. Maar we waren zelf nog niet helemaal georganiseerd, we moesten het nog uitvinden. Dat schuurde af en toe.
Gelukkig was er genoeg ander werk in de tuin, zoals wieden. Wieden tussen de munt, tussen de worteltjes, tussen de uien, tussen de spinazie. Dus wie geen stress wilde, kon daar terecht.
Maar na het wieden tussen de worteltjes was er ineens ook een hele rij worteltjes weg. Het rottige van worteltjes is dat ze er zo verschrikkelijk lang over doen om te ontkiemen, veel langer dan al het onkruid om hen heen. En wij waren nog niet zo slim om daar iets voor te verzinnen, of eigenlijk wel, we hadden verzonnen om wit zand over de worteltjes te strooien, zodat je in elk geval wist waar ze in theorie op zouden moeten komen. Maar de zaaimachine was zó perfect dat het spoor niet terug te vinden was. Dus nu wieden we zoals egeltjes vrijen: héél voorzichtig.
Onze bovenste beste helpende hand had zich even teruggetrokken uit het strijdgewoel met de zakken voor de spinaziesoep, en met de grootst mogelijke precisie wiedde ze tussen de worteltjes. Helaas dacht zij gezien te hebben dat er twee rijen stonden, maar het waren er drie. Waren, rij drie sneuvelde tijdens het microwieden. Buurvrouw schoot uit haar toch al wat oververhitte slof en de helpende hand trok wit weg. "De worteltjes!" Pas als je zelf gaat tuinen weet je wat worteltjes werkelijk waard zijn. Gelukkig kunnen ze nog tot eind juli gezaaid worden, we proberen het gewoon nog een keer. Het is niet echt erg, want we houden meer van onze helpende handen, dan van onze worteltjes. Een hele bijzondere rij, met regenboogpeen. En met wit zand. Net waren we de klap van de worteltjes te boven, toen de duiven zonder nadere aankondiging zich ineens tegoed begonnen te doen aan onze kooltjes. Dus dit weekend stond buurvrouw na te genieten van de regenbui en tegelijkertijd bogen te spannen met daar overheen anti-duiven netten.
Diezelfde regenbui die maakt dat het onkruid bij de worteltjes nóg harder gaat groeien. Kortom: een tuin is nooit saai. Nu even het heermoes aanpakken tussen de spinazie, anders hebben we straks spinaziesoep met munt en heermoes.

Overigens is de test geslaagd en gaan we deze week door met de spinazie muntsoep.Zonder heermoes, maar met een toefje brandnetel. Donderdag vanaf 14:00 en op = op.

donderdag 14 mei 2020

Schietende winterreuzen op de tuin, en de eerste oogst is nakende



Niet schieten! Dat zouden tegen de spinazie willen roepen, vooral tegen de winterreuzen, die je hier op het plaatje ziet.Maar spinazie schiet wel. Of beter: schiet door, want zo heet het eigenlijk, als een plant heel snel hoog wordt en gaat bloeien. Sla doet het ook soms en ziet er dan fascinerend uit. Deze spinazie zien we ook al de lucht in gaan.

Op de tuin hebben we drie soorten spinazie en omdat we wisten dat spinazie telen op voormalige bouwgrond een uitdaging is, hadden we ook diverse soorten mest: biologische korrelmest, kippenmest, extra compost, van alles. Uiteindelijk blijkt de spinazie daar niet erg kieskeurig in te zijn, als er maar mest en water is. Helaas regent het steeds maar niet en bij droog en warm weer, wat doet spinazie dan? precies: schieten. De mooie ronde vlezige bladeren worden ineens puntig, gaan rechtop staan en 'Pang!' daar schiet ie. Buurvrouw ligt er op de knieën naast en knijpt er met de hand alle bloemetjes uit, in de hoop dat hij tot de oogst in toom te houden is.
Gelukkig nu alleen nog maar de winterreuzen. De woodpeckers leken ook even te gaan schieten, maar dat was gewoon de heermoes, die overal in de tuin de grond uit schiet, dus ook tussen de spinazie. Dan hebben we als derde soort de Butterflay. Die is echt onze favoriet. Schiet nog niet, smaakt heerlijk, wordt her en der mooi groot. Als we volgend jaar weer een tuin hebben, ergens en weer spinazie gaan telen, dan wordt het dus Butterflay.
De woodpeckers hebben nog wat vorstschade hier en daar, ze zij verder prachtig uniform, maar dat ligt niet aan ons maar aan Jongerius, het bedrijf dat ons de plantjes heeft geleverd. Ze zijn alleen wel wat klein en de smaak is echt okay, maar geen Butterflay.

Zelf ook proeven? Dat kan! Donderdag 28 mei begint ons seizoen en hebben we elke donderdag vanaf 14.00 zakken soepgroenten klaar staan, genoeg voor 4 borden. Zak, inclusief recept, drie soorten spinazie en véél liefde is 8 euro. Omdat de winterreuzen zo lang niet kunnen wachten, en wij eigenlijk ook niet, hebben we komende donderdag al een testdag. Kunnen we ook kijken of we echt coronaproof zijn, we hebben een heel plan, hopelijk werkt het. Iets met ingangen, uitgangen, 1,5 meterstokken, kruiwagens en een betaalapparaat op een hooivork of schop. En alcohol, niet voor in de soep, maar voor onze handen.

Enne, bloemetjes zijn eigenlijk ook best lekker, in de soep.

zondag 10 mei 2020

De ijsheiligen komen eraan!


Leven in de tuin is leven met de elementen. Eén element is in het bijzonder verraderlijk en dat is de vorst. Vorst aan de grond kan pas ontkiemde plantjes flink beschadigen en een groot deel van de groenten die wij graag telen, is helemaal niet tegen vorst bestand omdat ze oorspronkelijk uit landen komen waar het nooit vriest. Ook appelbloesem kan er flink onder lijden, en die is ook nog maar net aan het bloeien. Het levert mooie plaatjes op als de fruittelers hun bloesem met water proberen te redden en slapeloze nachten voor de telers in kwestie. Buurvrouw kent het vooral uit het kinderboek 'De grote Hoeve' waar de hele familie het bed uit moet om in het pikdonker maisplantjes met water te begieten. Onze spinazie hebben we proberen te redden met vliesdoek.

Ooit, lang geleden, toen de dagen nog geen nummer hadden maar namen, waren er vier dagen waarvan je zeker wist: daarna is de kans op vorst geweken, de zogenaamde IJsheiligen,, Sint Mamertus, Sint Pancratius, Sint Servaas en Sint Bonifatius, in de moderne kalender 11 t/m 14 mei. Daarna kon je pas in de volle grond planten en opgelucht ademhalen. Daar hebben wij dan flink de hand mee gelicht, maar het weer is tegenwoordig dan ook behoorlijk veel warmer dan in de tijd dat de dagen nog heilig waren. Wij vroegen ons daarom af hoe heilig die IJsheiligen eigenlijk nog wel waren, zouden we niet alvast stiekem wat tomatenplantjes en sperziebonen uit kunnen planten, de opkweek gaat zo goed, dat we bang zijn dat ze slap en slungelig worden. De afgelopen dagen was het bijna zomers.

Maar ons groene geweten op de achtergrond waarschuwt om dat toch niet te doen. In ons teeltplan, dat we al in januari hebben opgesteld, staat er ook een duidelijke blauwe streep en samen met andere vollegronds tuinders wachten we met smart. We wachtten braaf. En ziedaar: het weer slaat om. De noord-oosterwind zwelt aan en vanaf morgen, Sint Mamertus gaat de temperatuur flink dalen. Gelukkig niet vriezen, maar toch ook niet echt lekker. Vier strenge heren. Ze lieten geen traan toen ze ter dood gebracht werden en regenen gaat het ook niet. Schraal weer. Gelukkig is de grond al lekker warm, dat helpt onze vroege aanplant er wel doorheen. En dan, dan gaan we los: pompoenen, courgettes, paprika's en komkommers: welkom. De enige die zich er echt niets van aantrekken zijn riet, kweekgras, heermoes, zwarte mosterd en wilde peen. Zij vormen de groenste bedjes op de tuin.

Dus gaat er straks in de eerste soep ook wat onkruid. Brandnetel, om die IJsheiligen het land uit te branden.

donderdag 30 april 2020

Heermoes en de eerste pogingen tot mulch

Zoek de verschillen
We zijn ontginners, beginners op deze grond. Dan wéét je gewoon dat je met een hoop wilde planten te maken krijgt die zich niet zo 1-2-3 gewonnen geven en dat ze niet weghollen en een stukje verderop gaan groeien. Verderop wordt geen compost gegeven, geen water, niet dat extra handje kippenmest, en bij ons wel. Bovendien zitten hun wortels stevig in de grond en lopen gaat bij wilde planten heel langzaam.

Dus wieden we. Gelukkig samen met een heleboel vreselijk fijne en leuke helpende handen. Nienke zit meditatief tussen de knoflook te trekken. Lisa stort zich op het 'painstakingly' schoonmaken van de aardappelbedden, Michel is aan het microwieden tussen de spinazie, Nancy pakt de erwtentipi's aan samen met Aliet, Tristan en Kyra, Tineke heeft al hele kruiwagens vol de tuin uit gereden. En dan komt ineens overal het heermoes op.

Heermoes kende Buurman al, als plantje waarmee je schimmelinfecties bij andere planten kunt bestrijden. Dan maak je er een soort gier van, want het heermoes is een plant die op schrale gronden opduikt (check!)  en met diepe wortels (check!) mineralen naar boven haalt. Voor buurvrouw was het nog een onbekende.

We hadden het onderling al vaker gehad over onze kale grond, waarom we niet met karton en mulch werken. We zijn bang dat de distels, veldzuring, riet en kweekgras en ook de muizen dan juist oprukken. Maar nu, nu zagen we een kans om er toch eens mee te experimenteren. Dus alle heermoes ligt nu in hoopjes tussen de erwtenstokken te vergaan en voedingsstoffen af te geven. Mocht het toch weer gaan wortelen, dan kunnen we er nu makkelijk bij en kieperen we het alsnog over het hek. Waar het ooit steenkool zal worden, net als de oerheermoes dat deed miljoenen jaren geleden.

En nu we zó goed met wieden bezig zijn gaan we voor het eenjarige onkruid ook maar eens een compostbak maken. Worden we eindelijk een echte tuin. Aanstaande dinsdag gaat het gebeuren, want in de verte is het nog groen genoeg.

Meer over heermoes: https://nl.wikipedia.org/wiki/Heermoes

maandag 27 april 2020

Koningsdag zonder koninginnesoep

Oranje uit de sluis
Langzaam kunnen we gaan dromen van een eerste oogst en dus van een eerste soep, die niet oranje zal zijn, maar groen. Alles is groen op de tuin, de spinazie, munt, bosui, kervel, erwtjes, kapucijners, de eerste palmkool, zelfs de bleekselderij: groen, groen, groen. Alleen bij de ingang lagen vandaag voor koningsdag twee oranje pompoenen, door helpende hand Tineke eigenhandig uit de sluis gevist. Raadselachtig wat ze daar deden en misschien niet fris genoeg om er soep van te maken.
Vandaag werkte buurvrouw met helpende hand Liza een ochtend op de tuin, buurman was ergens een soort van koningsdag aan het vieren, en we hadden het ineens over koninginnesoep. Er moesten drie bedden onkruidvrij gemaakt voor het planten van de courgettes, die buurman overigens eerst nog moet voorzaaien dus we deden lekker koningsdags rustig aan. Net als de rest van Amsterdam, er was bijna niemand op het veld te bekennen naast de tuin. Eén lieve buurvrouw met hond had her en der wat oranje ballonnen opgehangen, wij onze pompoenen en dat was het dan. Wat een mislukt feest.

Gisteren bedacht buurvrouw zich - rijkelijk laat - om misschien dan toch een koningsdagachtige activiteit op de tuin te organiseren. Niet echt met aankondigen enzo, maar gewoon, voor wie er toevallig toch zou zijn en dan met koninginnesoep, desnoods in een thermoskan.
Koninginnesoep is natuurlijk oranje, dus die zou niet uit de tuin kunnen komen, maar bij buurvrouw in de la lagen nog wat Unox zakjes pittige tomatensoep van voor de kerst..
"Nee hoor," wist Liza, "Konninginnesoep is wit, er zit kip in en ei en van die kleine blokjes erwt en wortel." Buurvrouw wist niet wat ze hoorde. Maar Liza heeft natuurlijk gelijk. Dat krijg je ervan, als je koninginnesoep alleen maar uit de verhalen kent, en niet uit het echt.

Toch even opgezocht thuis en blijkt dat we allebei ongelijk hebben: de echte originele 'Potage a la Reine' ziet er wel zo uit als Liza beschreef, romig wit met groene en rode stukjes, maar wordt gemaakt van amandelen, patrijsbouillon waar een laurierblaadje in zit en versierd met granaatappel en pistachenootjes. Voor echte dure Franse koninginnen van voor de revolutie. Het enige van al dat lekkers wat wij ook op de tuin hebben is de laurier, dus de echte koninginnesoep zit er niet in dit jaar.
Die laurier is wel als enige wat gelig, maar dat is wellicht een gebrek aan voedingsstoffen? Morgen even wat biologische kerstbomenmest met lavameel bij de laurier gooien. Of zou het een speciaal ras zijn met gouden blaadjes?

Wie toch een keer wil proberen:. https://coquinaria.nl/koninginnesoep-de-echte/