zondag 12 april 2020

De voetstap van de tuinder


Een mooie gedachte: de voetstap van de boer is beter dan de beste mest. Waarom? Omdat de natuur zich slecht laat plannen. Je kunt niet op de kalender kijken of in je teeltplan en dan blindelings doen wat daar staat. Soms is het te nat, dan weer te droog, dan is de grond veel eerder opgewarmd dan normaal in maart of gaat het in april nog één keer 's nachts vriezen. Er zijn ongewenste beestjes of vlekken op de bladeren of distels. Natuurlijk weten wij ook wel dat de zogenaamd 'gangbare' boeren heel planmatig te werk gaan. Ze kennen hun land door en door en zijn vaak al begonnen op de boerderij toen ze nog op de kleuterschool zaten. Ze werken op honderden hectares land met een soort toverformules voor het strooien van kunstmest en spuiten met pesticiden en dan gaat het eigenlijk altijd goed, qua kilo's opbrengst.

Voor ons, nieuwe 'boeren' met biologische ambities, in onze Urban Farm van 1000 m2 op een voor ons volledig nieuwe grond,  waar nooit eerder een aardappel groeide, is de voetafdruk van de tuinder een belangrijke succesfactor. Elke dag is één van ons wel in de tuin, ook op Pasen. We ruiken, kijken, voelen. Eerst een rondje, over het ene slingerpad heen, via de andere terug: wat vraagt om aandacht?

We naderen de tuin over de sluisdeuren en ruiken al de snijselderij, noord-ooster wind dus. Dan blijft het vast nog wel even droog en schraal. Het hekje door (Hmm. die sluit niet echt lekker, morgen even naar kijken) Hoe staat de spinazie erbij? Moet die niet nog een beetje aangeaard? En de eigenheimers, kijk nou! Ineens spuiten ze de grond uit. Oei, wel een beetje erg dichtbij het pad gepoot. Gelukkig is het pad van zand, dus we kunnen het makkelijk wat smaller maken. Eindelijk, de kapucijners lijken ook aan te slaan en zijn niet opgegeten door de vogels. De voorraad reserve kapucijners kan naar iemand anders, of tegen het achterhek geplant.

Is de grond echt zo droog dat we alweer water moeten geven, en hoe? Sproeien we de net ontkiemende zaadjes, of druppelen we alleen? We voelen her en der met een vinger of er onder de allerbovenste droge zandlaag nog genoeg vocht in de grond zit. Hé, dat is jammer, een helper heeft met zijn knieën een deuk in het wortelbed gemaakt. Helaas niets meer aan te doen.

Kijk! De kervel slaat aan. Het duurt even, voordat die ontkiemt, maar het is goed gekomen en dankzij het microwieden van buurman zijn ze goed te zien. helaas zien we behalve knoflook ook nogal wat riet opkomen. Toch niet helemaal uitgeroeid. Ai, de rozemarijn die we vorig jaar al hadden opgekweekt heeft het toch niet gered. Eerst verzopen, toen te droog.

Zes bedden waar we nog even niets mee hebben gedaan zijn alweer veranderd in een groene kweek-prairie. Onze vingers jeuken. Maar door die droogte, alweer bijna een maand, zijn we zeker twee uur
per dag bezig met water geven. En we moeten de druppelslangen ook nog beter onder de paden wegwerken. Dan is er ineens weinig tijd over.

Aandacht en een voetafdruk, en hier en daar een blikje kippenmest. Want van bouwzand alleen mag je geen wonderen verwachten en alhoewel we niet alleen in kilo's denken zijn we wel benieuwd hoeveel we eraf gaan halen. Als we goed kijken zien we trouwens elke dag wel een paar kleine wonderen. Dat het lijkt te lukken, met onze tuin, is daarvan de grootste.

zaterdag 4 april 2020

Vrij worstelen met polycarbonaat - buurman en buurvrouw fiksen het


Buurvrouw ontwierp zelf een groentebed met glazen klamboe, een soort couveuse voor planten. Op papier zag het er heel leuk uit. Timmerbedrijf Stadshout leverde het aan als bouwpakket van vers gezaagd iepenhout. Als een echte buurman en buurvrouw begonnen we naar eigen inzicht de boel in elkaar te schroeven, pas toen we onderdelen over hielden namen we contact op en bleek er een bouwtekening via de mail te zijn opgestuurd. Helaas was het kwaad toen al geschied en was niet alles even recht als op de bouwtekening.

Gelukkig hadden we bedacht om geen glas te gebruiken, maar lichtgewicht en hufterproof polycarbonaat tunnelkanaalplaten, die ook nog eens het licht filteren. Bovendien: makkelijk af te zagen. Buurvrouw had flink gerekend om met een minimum aan waste bij de inmiddels opgedoken bouwtekening de juiste breedtes en lengtes te bestellen. Ze zei nog: "we zetten er één in elkaar, dan vinden we vanzelf uit hoe het moet."

Die dag kreeg buurman er zwaar de smoor in, om een beetje op te schieten zette hij alvast de zaag in twee platen, die echter voor het dak bedoeld waren en daardoor hadden we meteen twee dakplaten die te kort waren. "Ik stel voor dat we het oorspronkelijke idee verlaten en de boel gewoon vastschroeven, dit gaat toch niet werken." Buurvrouw deed nog een dappere poging om het wel te laten werken, iets met bamboestokken, maar zelfs een zachte bries blies de platen krom en daarmee uit de voorgefreesde sleuven. Het bloed van buurvrouw zat inmiddels op de steeds lelijker geschaafde dakplaten, die helemaal niet zo makkelijk in elkaar te zetten waren als we dachten. Toen er eindelijk één op dak nummer 1 lag, liet buurvrouw hem even los en waaide hij de hondenspeeltuin in, die achter de soeptuin ligt. Een dieptepunt.

Gelukkig kwam de theeman langs, Hans, die ook nog eens bouwkundig ingenieur is. In no-time bedacht hij een soort houten nietje, dat alle problemen inderdaad oploste. Buurvrouw ging weer aan het rekenen, buurman ging weer vrolijk fluiten, en dankzij de Bouwmaat die al om zeven uur 's ochtends open gaat gingen we met een verse stapel hout gisteren aan de slag. Elke plaat voor de 'muurtjes' moest bijgezaagd. Of twee keer. Of drie keer. Na twee bedden hadden we 'in-ene-keer'- platen, 'Hoe-is-het-mogelijk'-platen 'Hier-snap-ik-niets-van'-platen en 'iets-harder-buigen-dan-floept-ie-er-zo-in'-platen. Daarna was het een fluitje van een cent. De zes bedden staan klaar voor de dakplaten, bedje 1 is zelfs al klaar.

Maar als we ooit eens een echt grote tuin vinden, waar we wel een gewone kas mogen neerzetten, dan gaan we toch voor zo'n lelijke tunnelkas: veel meer m2 voor veel minder werk en kosten. Voor de hobbytuinder die ook zo'n bedje wil: prijsopgaaf beschikbaar, volg vooral de bouwtekening en houdt de waterpas en de bouwhaak bij de hand.

zondag 29 maart 2020

De spinazie mythe

Spinazie wordt vertroeteld
Buurvrouw adoreert spinazie. Als klein meisje al. Geen spinazie uit blik, zoals Popeye at, maar echte.
Toevallig is spinazie een vroeg gewas en kwam er uit de buurt een spinaziesoep met munt recept. Dus wordt onze eerste soep spinaziesoep. Dat je er razend sterk van wordt blijkt helaas een mythe, ergens in de negentiende eeuw had iemand een komma verkeerd gezet, waardoor men héél lang dacht dat er in spinazie waanzinnig veel ijzer zit. Not. Er zit juist - als je niet uitkijkt - nitraat in, dat makkelijk nitriet kan worden. Misschien dat het daarom zo lekker is, buurvrouw houdt ook van zoet en vet en dat is ook niet echt gezond.

Maar spinazie telen is nog helemaal niet zo simpel. Muizen eten graag het zaad op, het heeft nogal wat mest nodig en ookal kan het tegen vorst, liever niet als het net ontkiemt. We hebben twee weken geleden al  spinazie gezaaid, we hebben er toen schrale wind en nachtvorst dreigden vliesdoek overheen gedaan. Dat was een heel gedoe, zoiets als een spinaker hijsen. Toen het nog harder ging waaien, waaide het steeds los. En onder het vliesdoek zien we wel hier en daar wat spinazie opkomen, na twee weken, maar bitter weinig. Het kweekgras en de distels daarentegen, genieten volop. We hebben waterleidingen aangelegd voor de tere spinazieplantjes, met druppelslangen, maar al met al zijn we er nog niet erg gerust op.

Daarom gaan we óók naar het heiligen der heiligen: Jongerius. Morgen gaan wij onze eerste trays ophalen. Voor wie niet in de Stadslandbouw werkt is dit waarschijnlijk een raadselachtig bericht, maar Jongerius is zoiets als... Tja, hoe leg je dat uit? Jongerius kweekt kleine plantjes op, die je dan vervolgens in een tray van 144 stuks kunt kopen. Als je een echte tuinder bent, en dat zijn we gelukkig. We vreesden even dat Jongerius ook door Coronamaatregelen getroffen zou zijn, maar alles wat een tuinder nodig heeft, kan je nog steeds gewoon bestellen, zoals ook ruim duizend spinazieplantjes. Toen wij onze bestelling plaatsten, zei buurman al 'Nu is het echt.'  Daarom gaan we het ook zelf ophalen, het Mekka van de opkweek zal nu wel net zoiets zijn als een gesloten zwart blok steen, waar je wel omheen kunt lopen, maar niet in door kan dringen. Bij Jongerius zijn ze al jaren virusbewust en houden ze graag gewone mensen buiten om besmettingen tegen te gaan. Virussen van planten, in dit geval.

Duizend plantjes planten: hoeveel werk is dat eigenlijk? Allemaal mensen beloofden te komen helpen, als ze allemaal komen hebben we meteen een Corona samenscholingsprobleem, maar tot nog toe is dat niet gebeurd. Als we - zoals meestal - met vier of vijf man zijn, moet het in een ochtend lukken.

Eind mei hopen we de eerste spinazie te oogsten. Het leuke soep-aan-het-vuur-met-verhalen gaat vast niet door (Corona) en ook onze fijne 'Van tuin naar tuin' sneak preview niet, die we samen met de Tolhuistuin zouden organiseren. Dus wie weet blijft veel van de spinazie onverkocht. Dan moeten we toch - net als de VS indertijd - de mensen maar weer wijsmaken dat je van spinazie net zo sterk wordt als Popeye de sailorman. Die zorgde er geheel alleen voor dat de spinazieconsumptie met 30% steeg. Of zou dat cijfer ook een mythe zijn? Wat dan nog rest is zelf alles opeten. Wat buurvrouw nu al een heerlijk vooruitzicht lijkt, alle dagen spinazie.

vrijdag 20 maart 2020

De lente is óók een beetje in de war

waar zullen we deze zaaien?
In de war, dat is de beste beschrijving. Sinds de Coronamaatregelen van kracht zijn storten wij ons voor de volle honderd procent op de tuin. Voor het eerst sinds maanden is het droog weer, het is super rustig om ons heen, onwerkelijk stil en zonnig. Je zou niet geloven dat je midden in de stad zit, toch hebben we echt uitzicht op Centraal Station Amsterdam. Af en toe een toeschouwer achter het hek, iedereen maakt graag een praatje, 2 meter ertussen - of meer - gaat prima. Maar het voelt als stilte voor één of andere storm.

Tineke kwam drie dagen helpen en Stoika had ook ineens tijd. Want niemand weet meer wat morgen brengt, dus vandaag verstand op nul en lekker naar buiten, uitjes planten. Buurman is plotseling ook de meester van zijn zoons en buurvrouw gaat gauw even hamsteren bij de lokale ijzerwarenwinkel, 'Gelukkig hebben we nu alles in huis om dit uit te zingen' zegt buurman. Bedoeld wordt: Vliesdoek, tuinslang en geka koppelingen. Onder de grond rommelt het: de metro rijdt hoorbaar onder de tuin door. Hoorbaar, door de bovengrondse stilte.

De meidoornhaag is extra vroeg uitgelopen, klein hoefblad en anemoontjes bloeien, er is overal al groen boven de grond door de warme en natte maanden. Eigenlijk is het al maanden lente. Daar sta je met zo'n tuin met je neus bovenop. Mensen in de war, lente in de war. Na maanden regen heeft buurvrouw eindelijk het hele waterssysteem kunnen aansluiten, voor als het ècht droog wordt. Dat vraagt om een biertje. Een beetje stiekem, allemaal twee meter uit elkaar, op wat oude pallets en wat krukjes. Een illegaal tuincafé. Ik check even of ik wel bovenwinds zit, coronaveilig.

Ineens kan het dus wel, de hele samenleving overhoop gooien. Wat voor de klimaatverandering niemand lijkt te durven of kunnen. Iedereen wacht, het leven houdt zijn adem in, want er gaat nog heel veel ellende op ons afkomen. Maar de lente wacht niet, die had al een voorschot genomen, dus moeten we wel. Nú moet het gebeuren. Stil zitten gaat niet, thuis werken evenmin.

Wij vinden dat wij bij de vitale sector horen, met onze lokale en biologische voedselproductie. Ook nog eens 100% plantaardig. Maar vinden anderen dat ook?Een politieauto rijdt voorbij, een helicopter vliegt over en wij drinken bier, in stilte, omdat het vast verboden is. Maar bier hoort erbij, op een historisch moment als dit. Elk moment op de tuin is historisch, want we doen alles voor het eerst. Zal deze crisis uiteindelijk een vloek of een zegen zijn voor de stadslandbouw? Voor ons? Voor de planeet, het klimaat? Voor de lente?

De lente begint morgen. Of misschien dat de zomer dan alvast begint, of de winter. Als tuinder weet je het nooit en moet je met het ergste rekening houden. Vorst beloven ze, voor de komende nachten. Vliesdoek over de pas ingezaaide spinazie dus. Liggen ze daar, in hun bedjes, onder een wit laken. Roept dat ineens andere associaties op. Maar hier gaat het goed en schijnt elke dag wel even een waterig zonnetje. Tuin in tijden van Corona. "Is de soep al klaar?" vraagt een passerende buurvrouw.

In de war.

maandag 16 maart 2020

Samen naar bed in de tuin

zes heerlijke groentebedjes
Het zijn onwerkelijke dagen. We werken gewoon op de tuin, zelfs af en toe met helpende handen. Netjes op afstand van elkaar, dat wel. Het is schitterend weer, in de verte wandelen mensen met een hond. Geen gegil van de schommels van de Adamtoren, nauwelijks overkomende vliegtuigen, de wereld houdt haar adem in. Als we dan bezig zijn met zaaien, wieden of andere praktische zaken, is corona ineens helemaal niet meer aanwezig. We hebben lol, mag dat wel?

Het was mijn opa's lievelingsmopje: "Says one strawberry to the other strawberry: if we hadn't been in the same bed together, we wouldn't be in this jam now". In tijden van corona denk je dan misschien aan social distancing. In de jaren '60 van de vorige eeuw werd daar natuurlijk iets heel anders mee bedoeld. In de soeptuin hebben we ruim 50 bedden, maar geen enkele aardbei. Sinds een paar dagen zijn daar zes echte houten bedjes bij gekomen. Van prachtig Amsterdams iepenhout, zó vers gezaagd, dat bij het in elkaar schroeven het water eruit droop.

Eigenlijk wilden we een kas, maar een kas is duur en groot en beide was te bezwaarlijk voor een tuin die maar één jaar mag staan. Dus dan maar zes kleine kasjes, niet meer dan een meter hoog. Vroeger hadden tuinders 'koude bakken', een simpele variant van onze bedjes, met ramen van loeizwaar en zeer breekbaar glas erop. Een koude kas of bak zorgt ervoor dat je eerder in het seizoen kunt telen, daar zijn de onze niet voor, want dan zijn we al te laat. Of je kunt gewassen telen die het lang niet altijd goed doen in ons klimaat, zoals tomaten, komkommers, paprika's, pepers of okra's. Eerst samen in bed, dan samen in de soep. Daar zijn die bedjes voor. Er komen nog lichtgewicht kunststof ramen op en omheen, tegen wind en regen en om de warmte binnen te houden, net een hemelbed.

Officieel zijn we geen biologisch gecertificeerde tuin, dat kan niet voor één jaar op tijdelijke grond, maar we proberen wel bij alles wat we doen of kopen zo verantwoord mogelijk te handelen. Dan is iepenhout van 'Stadshout' dus een logische keuze. En een bloemenlint om natuurlijke vijanden voor luizen en andere groente-eters aan te trekken, inplaats van gif. Bogen van wilgenhout, inplaats van pvc-buizen. Het lukt niet altijd. Onze zaaimachine, bijvoorbeeld, komt via Alibaba uit China, de Jang JP3. Volgens buurman is dat namelijk een geweldig apparaat. Maar - ook door Corona - kwam hij vooral niet uit China, want heel China was met andere zaken bezig dan onze zaaimachine.

De tuin - ons leven terwijl het leven stilstaat.

zondag 8 maart 2020

Overbezorgde tuinders en hun eerste zaaisels

zaadje wordt plantje

Pure magie, die natuur.
Stel je weet niets van zaad en planten. Voor buurman en buurvrouw is dat nog steeds grotendeels waar, want ook al zijn we nu een paar jaar bezig met biologische landbouw, we zijn nu pas helemaal zelf verantwoordelijk. Er zijn nog steeds dagelijks van die dingen, waarvan we denken: hoe moet dat? Of: hoe is dat mogelijk? Dus bij elk nieuw zakje zaad dat we open scheuren knaagt de twijfel.

Zaaien, nu is het er de tijd voor. Doodeng is het. We hebben flink gerekend en geïnvesteerd in zaad, dus dan hoop je wel dat alles goed gaat. Er kan helaas veel fout gaan:
Zaad dat te warm of donker staat kan slappe, kwetsbare plantjes opleveren. Let op: nóóit opkweken op de vensterbank. Schimmels of juist droogte. Te oud zaad. Nachtvorst. Of dat de muizen je zaaigoed vinden en opvreten. Of kippen. Of ratten. Of vogels. Voorweken, daar hadden we ook iets over gelezen, dus dan doen we dat. Maar geeft dat ook niet juist mer kans op schimmels? De juiste verhoudingen voor de opkweekgrond in de opkweektrays: hoe maken we dat zelf?

Bij buurman op zolder (licht en koud) steken de eerste paprika's en pepers hun groene neusjes al boven de grond uit, bij buurvrouw onder de glasplaat op het grindpad de erwten en kapucijners, op houtwol (dus niet als op de foto) en op de vensterbank (toch) in de bijkeuken staan bij 10 graden celcius in indirect zonlicht (zo precies moet het) pootaardappels voor te kiemen. Goed bijhouden hoeveel zaad er nou eigenlijk in de zakjes zat. Dat blijkt namelijk best verrassend uit te pakken.

We geloven nog niet eens in de zaaikalender van Maria Thun, die ook nog eens strafpunten geeft als je niet onder het juiste gesternte of bij de juiste maanstand zaait. "Het ontkiemen duurt gewoon precies zolang als op het zakje staat," constateert buurman blij. Maar als het nou toch beter is voor een ontkiemende erwt om te ontkiemen als Mercurius precies goed staat, of Venus? Doen we onze erwtjes dan niet tekort? Bij zoveel onzekerheid is het begrijpelijk dat boeren soms naar zo'n kalender grijpen. Het voelt zelfs een beetje gevaarlijk om ons ongeloof zo hardop uit te spreken.

Dan, bij al die andere zorgen,  is daar ineens de vraag van de dag: hoe weten die pas gezaaide kapucijners onder de grond welke kant ze op moeten groeien? Tijdens het kweekgras uittrekken zien we dat uit wortels die je ondersteboven 30 cm onder de grond dacht te hebben uitgeschakeld, toch weer sprieten de kop opsteken die precies de rechte weg naar boven weten te vinden. Hoe weten ze dat? Hebben ze neusjes, zien ze toch een soort van lichtenergie door de grond heen? Of voelen ze de zwaartekracht en denken ze: "Daar gaan we tegenin!" Hadden we - net als bij tulpenbollen - moeten letten op een bovenkant van het zaad? Dat is bij ronde erwtjes toch echt niet waarschijnlijk.

Dus good old google maar eens gevraagd, en zowaar. Een zaadje bevat niet alleen alles wat hij moet weten om uit te groeien tot een super ingewikkelde en grote plant, maar ook nog eens een paar speciale zetmeelcellen, die kunnen aanvoelen wat boven en onder is. En die dan de wortels naar beneden sturen en de stengel of stam naar boven. Alleen in de ruimte groeien planten alle kanten uit, maar op aarde zorgt de zwaartekracht dat dit altijd goed gaat. Vanzelf. Daar kunnen wij dus gelukkig geen fouten bij maken, dat scheelt weer een zorg. Kunnen wij ons bezig houden met de temperatuur, het licht, de wind, de dieren, de schimmels en alle andere mogelijke bedreigingen.
Zoals de verkeerde maanstand.

Meer weten? Lees onderstaande links erop na.
https://nl.wikipedia.org/wiki/Geotropie
https://www.nemokennislink.nl/publicaties/deze-kant-boven-gravitropisme-in-planten/
https://www.allesoversterrenkunde.nl/!/!/sterrenkunde/vraag-en-antwoord/_detail/gli/heeft-de-maan-invloed-op-het-leven-op-aarde/

vrijdag 28 februari 2020

Tentenkamp voor verlangende erwtjes

klaar voor de erwtjes
In de tuin van Soep uit Noord zijn we tentenkampen aan het opzetten: één voor de erwten, en één voor de capucijners. We kregen vierhonderd stokken van een bevriende boomkweker en Buurvrouw vindt die tipi's zo leuk staan. De stokken zijn een beetje te glad voor de erwten en capucijners om in te klimmen, dus krijgt elke tipi ook nog een spiraalvormige draad van boven tot onder waar ze zich straks aan vast kunnen houden, als ze beginnen met groeien in de hoogte.

Vooralsnog liggen ze allemaal in een soort supercouveuse in de tuin van buurvrouw: in acht bakken natte houtwol onder glas en de eerste uitlopers zijn al te zien door de ruit. De zorgen voor de pasgeborenen beginnen ook al: nu ligt er nog een glasplaat op, hoe houden we straks de duiven en kraaien ervanaf? Door de tipi te bekleden met vogelgaas, tenminste, zo gaan we het proberen. Eigenlijk moedt het gaas blauw zijn, want dat schijnen vogels te herkennen. Maar blauw gaas maakt van et tipidorp ineens een smurfendorp.

Eerst die vierhonderd stokken de grond in, dat valt nog niet mee. De eerste windproef faalde, tijdens de laatste stormdag stonden ze allemaal scheef. Dus nu rammen we voor de eerste vier stoken van elke tipi met een loden pijp die buurman nog had liggen een gat in de grond, waar ze steviger in staan. Het is even een werkje, maar dan blijven ze  hopelijk overeind staan, de zuidwester komt genadeloos van over het IJ aanwaaien.

Tijdens het timmeren denken we vast aan die prachtig paars en wit bloeiende erwten en capucijners. Hopelijk dromen die uitlopertjes in de bakken er ook vast van en geeft het verlangen ze groeikracht.